Inkomenspercentiel: mediaan € 34.300, gemiddeld € 42.200, top 10 % vanaf € 85.000 (CBS, 2024 (voorlopige cijfers))
Het inkomenspercentiel is je positie in de verdeling van het persoonlijk inkomen zoals het CBS dat meet: bruto inkomen uit werk, onderneming, uitkering en pensioen van één persoon, vóór belasting. In 2024 (voorlopige cijfers) was de mediaan € 34.300 en het gemiddelde € 42.200; de top 10 % begint rond € 85.000 en de top 1 % rond € 190.000.
Waarom de mediaan lager is dan je verwacht: het CBS telt iedereen met inkomen mee, ook deeltijders, studenten met een bijbaan en gepensioneerden, niet alleen voltijders. Daardoor ligt de mediaan van € 34.300 ver onder het modale voltijdsalaris. Mannen hebben een mediaan van € 42.800, vrouwen van € 27.500; het verschil is grotendeels de deeltijdfactor.
Bruto, niet netto: het persoonlijk inkomen is vóór inkomstenbelasting en premies. Netto verschilt de ladder door de progressie van box 1 en de heffingskortingen, die het verschil tussen de mediaan en de top kleiner maken dan de brutocijfers suggereren. Toeslagen tellen niet mee in het persoonlijk inkomen.
Per leeftijd: het inkomen stijgt tot ongeveer het vijftigste jaar en daalt daarna, eerst door deeltijd en later door pensionering. Vergelijken met je eigen generatie is daarom eerlijker dan met het landelijke cijfer; het CBS publiceert de klassen per leeftijdsgroep.
Inkomen en vermogen: een hoog inkomenspercentiel vertaalt zich pas na jaren sparen en aflossen in een hoog vermogenspercentiel. Wie de twee naast elkaar legt, ziet waar het inkomen blijft: in de woning, in beleggingen, of in consumptie.
Vergelijk je bruto jaarinkomen inclusief vakantiegeld en bonus met de CBS-ladder van je leeftijdsgroep, en zet het percentiel naast je vermogenspercentiel: het verschil tussen de twee is je spaargedrag in één getal. Richify berekent beide uit je eigen cijfers.

